zondag 20 april 2014

Luxemburg de samenvatting

Afgelopen maandag zat ik op mijn todo lijstje te kijken wat er allemaal nog moest gebeuren die hele twee dagen die die week telde. Een systeem test afronden voor Mcas release 14.2. Ik bekijk het document wat er allemaal al gedaan is en wat nog moet. Gelukkig is het merendeel al af en hoef ik alleen nog maar een programmaatje aan te passen, de pinblokken te controleren en een nieuw testgeval er doorheen te jagen. Als laatste punt op het lijstje zag ik staan, Bloggen. Leuk van die collega's die meelezen en wat te doen willen hebben als ze zelf vrij zijn of op kantoor zitten te werken.

Daarom nog maar even een Luxemburg samenvatting:
- 518 kilometer
- 10370 hoogtemeters
- 8 liter sportdrank
- 11 Snelle Jelles, 3 Belgische wafels, 4 gebakjes en 2 stokbroden. Ontbijt en warme maaltijden niet inbegrepen.
- 367 motoren gespot en 178 cabrios
- 15 wielrenners gezien

Het lijkt erop dat de cabrio het gaat winnen van de motor. Er rijden nog weliswaar meer motoren rond maar het aantal cabrios stijgt rap ten opzichte van andere jaren. En wielrenners zijn in deze regio een minderheid. De meeste koers fanatici zitten in de Waalse Ardennen. Daar zijn de wegen een stuk slechter maar je fietst wel op de heroïsche wegen waar ook Luik Bastenaken Luik overheen gaat. Dat groeiend aantal cabrios snap ik niet helemaal. Ik vermoed dat ik de financiële berichtgeving de laatste tijd een beetje verkeerd geïnterpreteerd heb. Het schijnt dat het wat beter gaat met de huizenmarkt en dat er wat meer consumenten vertrouwen is. Maar ik zie daar geen verklaring voor in waarom ik zoveel dure cabrios ben tegengekomen. Het waren geen oude Mazda mx5's die ik zag rijden. Heel veel Porsches, een paar Astons Martins, Jaguars en BMW M3's. En ook nog een partij opgefokt onkruid. Zeg maat de 15 jaar oude gepimpte Golfjes en Kadettjes. Die laatste categorie waren eigenlijk de enigen die niet konden rijden. Alle dure nieuwe achterwiel aangedreven open raceauto's hielden zich keurig netjes aan de maximum snelheden. En ik heb geen enkele motorrijder zich als een malloot zien gedragen. Waarschijnlijk is dat gewoon te duur want de politie controleert hier best veel. Of de echte malloten hebben zich inmiddels al te pletter gereden en kijken nu vanuit een rolstoel naar de moto gp wedstrijden.

zaterdag 19 april 2014

De nieuwe helden

Laatst was Niki Terpstra te gast bij de wereld draait door. Philemon Wesselink was tafelheer en Mathijs van Nieuwkerk de presentator. Twee mannen met een groot wielerhart. En zij mochten samen hun nieuwe held interviewen. Terpstra heeft de hel van het Noorden gewonnen. Een wielerklassieker met een erelijst en een status in de wereld waar je U tegen zegt. Als twee jongetjes van acht jaar oud zaten ze klaar. Alsof ze de hele middag in de zandbak zouden mogen spelen en mamma vond het goed. Hun verlangen om die ene vraag te mogen stellen, droop als kwijl van hun lippen. Hoe voelt dat nu om solo te finishen op de wielerbaan van Roubaix?

En daarna was er ook nog een item over de filmische documentaire die was gemaakt van de Argos Shimano ploeg over de tour van 2013. Nog meer wielergenot; euforischer dan dit gaat het niet worden. We hebben nieuwe helden. Ze heten Niki, Tom en Bauke. Ze zijn van ons en ze zijn echt. Geen omhoog gevallen blaaskaken, geen macho mannetjes met maniertjes. Het zijn echte kerels die moe zijn na drie weken tour de France en die in Vlaanderen het verschil kunnen maken of helse kassei wegen. Hiep hiep hoera, we zijn weer blij. We vergeten gewoon het statement dat NOS eerder dit jaar maakte door aan te kondigen dat ze minder wielrennen zouden gaan uitzenden en de koers met een kritischer oog zouden gaan bekijken.

Katholiek als de koers is, hebben we die azijnpisser blik afgeworpen en staan we juichend langs de kant van de weg onze nieuwe helden aan te moedigen. Denk maar njet dat Mathijs of Philemon ook maar een kritische vraag hebben gesteld. Ik wil namelijk best wel graag weten op welke doping er nu gewonnen wordt. Maar die vraag mag ik natuurlijk niet stellen of opschrijven want dan wordt ik direct als vervelende negatieveling verketterd. Het is nu feest, geen flauwe vragen stellen. Maar stiekum ben ik best wel benieuwd naar de uitleg van Terpstra dat die zo in vorm is. Hij heeft deze winter namelijk goed getraind. Hoezo? Deed je dat andere winters dan niet?

donderdag 17 april 2014

De Luxemburger bestaat niet.

Om direct maar eens een foute kreet van Máxima erin te gooien. Een beetje verbasterd, dat wel. Máxima deed een poging een slimme uitspraak te doen over dé Nederlander in zijn algemeenheid. Dat viel hopeloos verkeerd. Niet omdat die uitspraak zo fout was maar meer omdat die niet werd getolereerd uit de mond van een buitenstaander. Dé Nederlander bestaat niet; de Fransman ook niet en de Duitser ook niet. En zo kan ik nog wel even doorgaan met het noemen van nog meer landen maar de boodschap lijkt me wel duidelijk. Een land is altijd meer dan een soort mens. Zoveel mensen, zoveel persoonlijkheden, zoveel verschillen.  Daar is geen generaliseren aan. Maar Nederland is wel degelijk een land. Er zijn genoeg kenmerken op te noemen die Nederland Nederland maken. Zelfs een bepaalde Nederlandse volksaard is aanwezig alhoewel dat altijd een begrip is dat helemaal verkeerd uitgelegd kan worden. Over volksaard kun je maar beter niet schrijven. We weten dat het bestaat maar uitspraken daarover zijn altijd riskant.

De Luxemburger bestaat dus niet. Maar wat ook niet bestaat is de Luxemburgse volksaard, of beter gezegd. Luxemburg bestaat niet. Het is geen land. Het is een belastingvoordeel ding waar je doorheen kan rijden om goedkoop te tanken en goedkope sigaretten en drank in te slaan. Het is ingeklemd tussen België, Frankrijk en Duitsland. Of eigenlijk meer ingeklemd tussen Frankrijk en Duitsland. Want om België nu ook al een land te gaan noemen, dat gaat me wat ver. Net zo min als dat België een land is, is het Luxemburg het ook niet. Maar dan om andere redenen. Ik heb ooit het boek 'België bestaat' gelezen, een 300 pagina tellend relaas waarom België een land is. Het was een ellenlange opsomming van verschillen tussen de Walen en de Vlamingen. Juist die verschillen zouden het een land maken. Ja, daaaaaag. Zo lust ik er nog wel een paar. Maar Luxemburg is geen land om hele andere redenen.

Luxemburg is meer dan een belastingvoordeel land zoals bijvoorbeeld Andorra. Dat is alleen maar een land om ervoor te zorgen dat er een beetje gesmokkeld kan worden met belastingcenten. Het heeft winkels en tankstations en is niet groter dan strikt noodzakelijk om als financieel boodschappen paradijs te dienen. Luxemburg is daar net te groot voor. Het is net meer dan een euro paradijs. Maar wat meer dan precies? Noem eens drie redenen om bijvoorbeeld niet naar de Eifel te gaan; of naar Frankrijk. In Frankrijk zijn de restaurants beter en in Duitsland hoef je niet te twijfelen welke taal te spreken. Of noem maar eens drie bekende Luxemburgers. Dat lukt me ook al niet. Het enige wat me te binnenschiet zijn de gebroeders Schleck. Maar die presteren ook voor geen meter meer sinds er verbeterde doping controles zijn.

Luxemburg is geen België omdat hier echte wegen liggen. Het is ook geen Duitsland omdat ze hier ook Frans spreken maar het is ook geen Frankrijk omdat daar de keuken net niet goed genoeg voor is. Luxemburg is gewoon net niets. Leuk om even te stoppen voor peut en een fles whisky. En ook leuk om wat trainingskilometers te maken. Veel meer dan dat is het niet.

woensdag 16 april 2014

Acht dagen weekend

Twee is ook maar zo kort. Dat kan duidelijk beter, veel beter zelfs. Een vrijdag en/of een maandag vrij en een weekend wordt drie of vier dagen. Dat heet dan een lang weekend. Maar hoe noem je dan een weekend van 8 dagen? Ultra lang weekend of gewoon een weekje vrij. Maar dat laatste is het niet. Mijn paasweekend duurt dit jaar gewoon 8 dagen. Paasmaandag is vrij maar goede vrijdag ook; dat is dan weer een voordeeltje van het werken in de financiële sector. Dat zijn dus al vier dagen. Daarnaast ben ik tegenwoordig elke woensdag ook vrij en is een snood plan snel gesmeed. Donderdag vrij nemen, dinsdag vrij nemen en het ultra lange weekend is geboren.

En om dit weekje een beetje zinnig te besteden, moet natuurlijk mijn fiets uitgelaten worden. Vakanties zonder fiets of vakanties zonder bergen is al een ei zonder zout. Of alsof pap zonder krenten, of een lekkere maaltijd zonder wijn. Ik heb de weerberichten van half Europa de laatste weken uitgebreid bestudeerd en helaas was het bijna overal knudde. Veel regen en/of koud. Alleen zuid-Spanje was mooi maar dat is wel een grafeind rijden. En goedkope vliegtickets kon ik niet meer vinden. Daarom ben ik maar relatief dichtbij huis gebleven. Ik zit nu in mijn favoriete trainingsgebied vlak bij huis. Vianden, Luxemburg.  Goede wegen, mooie klimmen, netjes aangeharkte tuintjes, redelijke keuken en heel veel mooie klimmetjes. De komende dagen vermaak ik me hoogstwaarschijnlijk wel. De voorspellingen waren voor dit gebied ook niet hosanna maar wel redelijk. Als het een beetje droog blijft kan ik hier eens een goede 500 km in de benen krijgen. Dat zal wel helpen voor de vorm.

woensdag 26 maart 2014

Koud? Seks met een ijsbeer, dat is pas koud


Vandaag geen seks met ijsberen. Ook niet met andere beesten of mensen maar koud was het wel. Ik heb zelden zo zit kleumen op de fiets. Ik was bang van rare beesten onderweg die plots van mij zouden schrikken. Een opfladderend eend, een loslopende hond en een mee vliegende reiger. Al die beesten konden op het laatste moment nog een stomme actie uithalen. Sommige beesten doen dat nu eenmaal. Het verbaast me nog steeds dat dit door de evolutie wetten er nog niet uitgefilterd is. Maar katten die op het allerlaatste moment toch onder mijn voorwiel willen doorkruipen, die bestaan helaas nog steeds. En vandaag had ik niet veel kracht meer in mijn handen om goed te kunnen remmen. Mijn handen waren steenkoud, mijn voeten voelde als ijsklompen aan en zelfs mijn kaken weigerden dienst toen ik een poging deed om een krentenbol weg te werken.

En zo koud wat het vandaag toch niet? Nee, dat klopt maar ik heb ergens halverwege de route een plensbui op mijn dak gehad. Weeronline voorspelde wat miezer regen in het Noorden en Noordwesten van Nederland. Ach, een beetje miezer dat houdt mij niet tegen. Helaas manifesteerde de miezer zich vandaag in de vorm van stortregen en hagel. Ik dacht nog. Als dit miezer is, wat is dan echte regen? De temperatuur kelderde ook direct tot net boven het vriespunt. Schuilen was geen optie, ik zat ergens midden in een polder. Alles wordt nat. Schoenen, sokken, oversokken, handschoenen en de rest van mijn kleding. Zoiets komt niet meer goed. Zelfs al het zou het kwik naar 10 graden stijgen en de zon doorbreken. Een doorregend pak betekent kou leiden.

En kou heb ik geleden. Omdat ik de weg nog niet zo goed ken, heb ik op de terugweg ook nog een stuk verkeerd gereden. Ik zag een bord met Alpen aan de Rijn, Uithoorn en Nieuwkoop. Ik wist niet dat Nieuwkoop een plaats was maar Alpen en Uithoorn waren allebei de verkeerde kant op. Zo heb ik dus een tijdje rondgedoold. Nadat de regen was opgehouden, blijven uiteraard de wegen nog een tijd nat. In Nieuwveen zag ik zelfs besneeuwde autos. Als ik thuis kom, heb ik geen gevoel meer in mijn vingers. Met mijn mond wurm ik mijn handschoenen uit maar ik kan mijn sleutels niet uit mijn wielrentrui geplukt krijgen. Ik moet eerst een ritsje openmaken en ik kan het lipje van de rits gewoon niet vastgepakt krijgen. Gelukkig komt net de buurvrouw naar buiten. Ik leg uit mijn situatie uit en of ze aub mijn sleutels uit mijn trui wil vissen en de poort- en de tuindeur opendoen. Dan kan ik tenminste mijn eigen huis in.

Ik stap met kleren en al onder de douche. Nadat ik een minuut mijn handen onder de koude kraan had gehouden, kreeg ik mijn kleding nog niet uit. De koude kraan voelde niet koud aan, ook niet warm; ik voelde gewoon niets. Onder de douche warmen mijn vingers langzaam op en dan kan ik eindelijk mijn wielrentenue uittrekken. Na 10 minuten stap ik  pas onder de douche uit. Nu maar eens een kop thee klaarmaken en wat eten. Dat heb ik wel verdiend.

zondag 16 maart 2014

Ik ben de weg kwijt

Letterlijk dan. Figuurlijk is er niets met de aan de hand, tenminste voor zover ik weet. Ik ben een beetje de weg kwijt in de omgeving Utrecht. Na mijn verhuizing moet ik veel opnieuw ontdekken. Waar zit het tankstation, de Albert Heyn, de milieustraat en waar zit mijn nieuwe huisarts. Ik ken Utrecht gewoon niet zo goed. Ik werk er al bijna 5 jaar maar verder dan de snelweg afdraaien bij mijn werkgever kwam ik nooit. Het Máxima park heb ik inmiddels ontdekt. Daar ligt een rondje van een kilometer of 6 wat eruit ziet als een ideaal fietsparkoers. Een meter of 6 breed en je hebt overal voorrang. Ideaal eigenlijk voor wedstrijden maar dan moet het wel afgezet worden uiteraard. Maar als training ook leuk, zou je zeggen. Maar het is helemaal geen fietspad. Officieel is het een wandelpad waar fietsers gedoogd worden. Maar waarom maak je zoiets dan 6 meter breed? En waarom zijn de strepen op de weg vervangen door iets wat op struikjes lijkt? Op ongeveer twee-derde van de breedte van de weg is een streep getrokken bestaande uit kleine geschilderde struikjes. Erg creatief maar de bedoeling was mij wat onduidelijk.
 
Ik ben vandaag maar rap het fietspad afgedraaid om vervolgens richting Alpen aan de Rijn te rijden. En daar begon het probleem. Ik ken de weg niet en ik moet het nu hebben van de plaatselijke bewegwijzering. Na 14 jaar Almere kende ik nagenoeg alle leuke fietswegen in een straal van 50 km rondom Almere. Dat heeft ook de nodige tijd, energie en verkeer rijden gekost maar de kaart uit je hoofd kennen is toch best handig. Alle navigatie en andere moderne speeltjes ten spijt maar er gaat niets boven de kennis van een local. Ook kaarten zijn rete handig. Goede kaarten wel te verstaan. Een kaart die net niet helemaal klopt zijn ook van die ondingen. Net zoiets als een Ikea beschrijving die net niet helemaal klopt. Het wordt dan wel een aardig kastje alleen past het deurtje niet en staat een pootje wat scheef. Gelukkig worden er zoveel Ikea kastjes verkocht zodat die omschrijvingen inmiddels wel deugen. Iets wat nog niet helemaal deugt, is de bewegwijzering in Nederland voor fietsers. Het zit redelijk goed in elkaar maar het net niet af. Gezien het feit dat ik geen zin het om met een kaart te klooien onderweg en ik nog steeds nul vertrouwen heb in de kunsten van mijn Garmin ben ik toch overgeleverd aan het systeem van de rode bordjes. Of het gebrek eraan.
 
Fietspaden in Nederland zijn ontworpen op een maximum snelheid van 30 kmh. De bochten, overzichtelijk en kruispunten zijn met die snelheid allemaal redelijk goed. Dat klopt ook allemaal wel. Met 40 kmh worden sommige bochten best spannend maar op de kruissnelheid van 28-30 kmh is alles lekker overzichtelijk. Behalve de witte fietsbordjes dan. Daar moet ik toch echt voor afremmen om ze te kunnen lezen. En ik moet ze ook niet alleen lezen. Ik moet en lezen en nadenken waar ik heen wil en op overig verkeer letten. Het is een wonder dat er geen ongelukken gebeurd zijn vandaag. De ANWB paddenstoelen zijn ontwerp technisch vermoedelijk gestoeld op verkeersveiligheid en niet op lekker doorfietsen. Als je op basis van die dingen de weg wil vinden moet je om de anderhalve kilometer stoppen, van je fiets stappen en op je hurken gaan zitten om te ontdekken of je links- of rechtsaf moet.
 
Maar mijn grootste ergernis van vandaag is toch wel dat het systeem van witte bordjes net niet helemaal klopt. Het is goed bedoeld en vaak werkt het ook wel redelijk maar het gaat ook even zo vaak fout. Gouda linksaf, Gouda rechtdoor, Gouda linksaf, Gouda rechtsaf. En plots sta ik bij een T-splitsing en dan ontbreken de bordjes. Ja, en nou? En helaas is dit regelmaat. Het gaat 10 km goed en daarna kom ik op een punt waar het bord zoek-het-maar-uit staat. Dat is mijn vrije interpretatie van een ontbrekend bordje. Ik heb dit lang geleden ook in Lelystad meegemaakt in een poging de weg naar Almere te vinden. Na drie keer het bordje zoek-het-maar-uit te zijn tegengekomen, ben ik uit arren moede maar over de autowegen gaan rijden. Daar klopt de bewegwijzering tenminste.

zaterdag 1 maart 2014

Omloop het Nieuwsblad


Ik sta bij de gordijnen en tapijten zaak en ik lijk een kansloos geval te zijn. Geen vrouw, geen kinderen, geen aandacht. Ik krijg nul  aandacht  van de spaarzaam aanwezige verkopers. Alsof ik niet rondloop met een grote geldbuidel op zak. Misschien komt het ook wel door de blik in mijn ogen. Ik vind dit niet leuk. Het is een moetje. Ik moet nieuwe gordijnen hebben in mijn nieuwe huis. Het is niet zo dat ik voor mijn lol op zaterdagmiddag op de woonboulevard rondwandel. Het was al een gedoe om een parkeerplek te vinden en als ik een woningwinkel binnenstap word ik rap diep ongelukkig. Zucht,… bankstellen, stoelen, geinige accessoires,  keukens, badkamers, nog meer keukens en weer bankstellen. Van zoveel woongenot slaat mij direct de misère toe.

 

Van mijn wielrenhobby is de laatste tijd weinig terecht gekomen. De verhuizing vreet zo zijn aandacht. Klussen is nog best aardig maar na een paar weken dozen in- en uitpakken, opruimen, een fornuis aansluiten, schilderen en lampen ophangen ben ik inmiddels klus moe. Ik heb geen zin meer. Ik heb ook geen zin in die stomme woonwinkels. Ik kom nog wel eens terug als er minder volk is en dat die verkopers uit arren moede toch echt hun aandacht aan mijn moeten schenken. Zo’n stuk chagrijn die ze een stel gordijnen moeten verkopen. Ik ga naar huis om koers te kijken.

 

Vandaag is de opening van het wielerseizoen. De omloop het Nieuwsblad. Alle eerder gereden koersen dit jaar tellen niet. De ronde van Oman, de tour down under en de ronde van de Middellandse zee. Dat is allemaal nep. Dit is de eerste echte wedstrijd. Dit is een koers die renners echt willen winnen. De ronde van Oman is leuk voor de sponsor maar qua aanzien stelt een overwinning daar evenveel voor als een criterium in Varsseveld.  De ronde van het Nieuwsblad, die wil je winnen. En ik wil die koers zien; ik heb weer zin om naar half gedrogeerde renners te kijken die  met oorlogskoppen in een mongolen waaier door het Vlaamsche land fietsen. Vlaanderen is mooi van lelijkheid. Zolang je er niet woont of doorheen hoeft te reizen, is Vlaanderen mooi. Voor de koers en de keuken ga ik graag naar Vlaanderen toe. Het landschap is een lapjesdeken van akkers, dorpjes, grasvelden en vrij liggende huizen. Er zit nul structuur, orde of regelmaat in. Verdwalen is hier de enige optie. En zoals het landschap zo zijn de ook wegen. Een bonte verzameling van klinkers, kasseien, kapot gereden asfalt, bonkige betonplaten en soms een strook echt asfalt.

 

En gelukkig is het vandaag strontweer in België. Het regent, het waait en het is koud.  Heerlijk. Dat maakt de beelden nog mooier. Of eigenlijk lelijker. Maar dat hoort zo. Renners in fel gekleurde regenkleding, verblindende koplampen van motoren en druppels regenwater op de lenzen. Vlaanderen is mooi van lelijkheid. De omloop is een soort mini ronde van Vlaanderen. Als je de omloop kan winnen, dan kan je de ronde winnen. Of andersom. Het is ook een koers die zelden in een massaspurt eindigt. Renners komen solo of in plukjes over de meet. Moe gestreden en geradbraakt geraakt van  200 kilometers rommel asfalt. De renner bij wie alle organen nog op de goede plek zitten, die maakt kans om te winnen.

 

Het is een foto finish tussen Stannard en van Avermaet waarbij de Brit net de rapste is.