donderdag 3 september 2015

Collateral damage



Ik ben een spier kwijt. Sommige mensen zijn hun geheugen kwijt, anderen hun bril en weer anderen missen een orgaan. Ik ben een spier kwijt.

Je hebt ook niet alles nodig. Een slokdarm kan verwijderd worden als daar kanker in geconstateerd wordt. De maag die op de slokdarm aansluit wordt gewoon ergens anders aan vast geknoopt. Een baarmoeder met kanker kan verwijderd worden. Voor vrouwen van boven de 40 zonder kinderwens is dat een orgaan wat gemist zou kunnen worden. Een geheugen dat kwijt is en in de volksmond ook wel Alzheimer genoemd wordt, is duidelijk vervelender. Het komt niet terug en de schade is blijvend. Leven met een werkend oog en een glazen oog kan wel. Maar met twee echte ogen heb je beter zicht; vooral beter diepte zicht. Zou je ook zonder bepaalde spieren kunnen? Zonder hartspier? Nee, dat zeker niet. Dan ga je binnen een paar minuten dood, als die er mee kapt. Leven zonder bilspier dan? Misschien wel maar dat is wel de grootste en sterkste spier van menselijk lichaam. De kauwspier is relatief gezien nog sterker maar in absoluut gezien veel kleiner. Die spier zou ik zeker niet willen missen.

Ik ben een adductor kwijt. Een wat? Juist een adductor. Aan de binnenkant van je bovenbeen zitten drie adductoren, dat zijn spieren waarmee je de bovenbenen naar elkaar toe kun duwen. Er is een adductor magnus, adductor longus en adductor brevis. Ik weet niet welke ik daar nu precies van kwijt geraakt ben maar feit is dat mijn rechterbovenbeen ter hoogte van de lies beduidend dikker is dat links. Ongeveer een spier ter dikte van mijn pols is rechts wel aanwezig maar links zit daar dus een duidelijk gat. Mijn fysiotherapeut moest nog even haar studieboeken erop nazoeken welke van de drie het nu is. Ze vermoedt dat tijdens de operatie aan mijn bekken de zenuw die de spier aanstuurt beschadigd is geraakt. Daardoor kan ik de spier nu niet meer aansturen en spieren die niet gebruikt worden, atrofiëren. Dat is een moeilijk woord voor kleiner worden.

“Komt dat ooit nog goed?”, vraag ik
“moeilijk te zeggen. Als die zenuw zich hersteld dan kan de spier weer aangestuurd gaan worden. Maar zenuwen groeien heel langzaam, ongeveer een mm per dag.”
“er bestaat dus een kans dat niet meer hersteld?”
“beetje vervelende mededeling maar die kans is reëel”
“hmm,,, is dat erg? Een beenspier meer of minder. Nemen de rest van de spieren dat dan over?”
“goede vraag. Meestal wel, de tijd zal dat moeten uitwijzen”

Goed, een adductor minder dus en de kans dat die niet terug komt, is aanwezig. Een gevalletje ‘collateral damage’. Een term die zijn oorsprong vindt in oorlogsvoering, bedoeld om onbedoelde schade te duiden veroorzaakt door de aanval op iets anders. Een ambassade opblazen en tegelijkertijd wat auto’s in brand laten vliegen die toevallig passeerden. In software gebruiken we deze term soms ook. Een aanpassing aan bestaande software leidt soms tot ongewenst gevolgen ergens anders in de code. No worries, dat fixen wel weer, roepen we dan. Maar die zenuw bij mij zie ik niet zo snel gefixt worden. Echt heel blij ben ik niet met dit stukje collateral damage. Echt heel veel last heb ik er ook niet van. De spier beweging die ik maak met de overgebleven adductoren zijn soms nog pijnlijk. Maar lang niet zo pijnlijk meer als het ooit was. De overgebleven adductoren lijken de functie over te nemen en fietsen gaat ook steeds beter. Gisteren heb ik 89 km gefietst, dus de spieren kunnen best al weer redelijke inspanningen aan. Maar toch blijft het wel knagen. Ik ben een spier kwijt.

Geen opmerkingen: